Spelletjes voor buiten

Het is begrijpelijk dat je ertegen opziet om een groep opgewonden kinderen bezig te houden. Moeilijk zijn de spelletjes echter niet en de kinderen vinden het prachtig, dus zullen ze graag meewerken.

Organiseren is het sleutelwoord als het om spelletjes gaat. Vraag je kind welke spelletjes hij of zij graag doet en wat hij of zij op andere feestjes leuk vond om te doen. Maak een lijstje van de spelletjes die je hebt gekozen. Bij een kinderfeestje van twee uur is er tijd voor vier à vijf spelletjes, maar het is verstandig om er nog een paar achter de hand te houden voor het geval er eentje niet aanslaat. Leg vervolgens alle benodigdheden en prijsjes bij elkaar. Houd je lijstje op de dag zelf binnen handbereik, zodat je te midden van alle rumoer even kunt nakijken wat de kinderen ook alweer moesten doen om al die prijsjes te winnen die je hebt ingeslagen.

Leg de lat niet te hoog wat de prijsjes betreft. Houd het bescheiden en laat de kinderen onder geen voorwaarde kiezen. Een mogelijkheid is om na het spelletje alle spelers één sticker of snoepje (dus geen heel zakje) te geven, of steeds de afvallers iets te geven. Daarnaast krijgt de winnaar een klein prijsje. Dit is een makkelijke en doeltreffende manier om iedereen tevreden te stellen. Of ga voor de traditionele aanpak en geef alleen de winnaar iets. Doe gewoon wat jou goeddunkt.

We hebben de spelletjes verdeeld in vijf verschillende categorieën

Buitenspelletjes

Waterflessen omgooien
Een succesnummer op een kinderfeestje bij mooi weer: vul voor elk kind een fles water. Draai de dop er niet op. Zet alle flessen in een kring. Elk kind moet voor een fles gaan staan. Om de beurt mogen ze met een bal proberen om een fles om te gooien. Degene die aan het einde van het spelletje het meeste water over heeft in zijn fles, is de winnaar. Als de kinderen wat ouder zijn, kun je meerdere ballen in het spel brengen om de snelheid en spanning op het spelletjes kinderfeestje te verhogen.

Waterbommen gooien
Van tevoren vul je 1 of 2 emmers met waterbommen. De kinderen moeten op een rij gaan staan en een vraag beantwoorden of een opdrachtje doen. Bijvoorbeeld ‘wat is de voornaam van je moeder’ of ‘zing een liedje waar het woord ‘trein’ in voorkomt’. Hebben ze het goede antwoord gegeven, dan mogen ze een waterbom pakken. Mijn man staat op een paar meter afstand (in een zwembroek of regenbroek) en wordt bekogeld met bommetjes. Hoe natter hoe leuker! Dit spelletje is altijd een succes en vriendjes vragen al ruim voor het feestje of ze weer bommen mogen gooien.

Moeder/heks/draak hoe laat is het?
Een kind (de jarige eerst) staat met de rug naar de andere kinderen, die op ongeveer 8 meter afstand staan. De kinderen vragen aan bv. de heks: ‘heks hoe laat is het?’ De heks zegt bijvoorbeeld: ’5 uur’. De kinderen mogen vijf stappen naar voren doen. Dit gaat net zolang door tot de heks denkt dat de kinderen vlakbij zijn. Zodra de kinderen vragen hoe laat het is, antwoordt zij: ‘Etenstijd’. Ze draait zich om en probeert de kinderen te tikken voordat ze terug over de beginstreep zijn.

De groeiende tikploeg
Je hebt een tikker en de rest moet worden getikt. Is iemand getikt, dan wordt die ook tikker, net zolang tot iedereen tikker is. De laatst getikte wordt natuurlijk in het volgende spel de tikker. Om duidelijk te laten zien wie er getikt is moeten de kinderen die zijn getikt bijvoorbeeld een hoed of muts opdoen. Zo moesten de jongens op een cowboyfeestje koeien vangen. Werd de ‘koe’ getikt, dan veranderde hij in een cowboy en moest zijn cowboyhoed opzetten.

Parachutist
Alle kinderen staan op een rij. Op ongeveer 10 meter afstand van deze rij is een grote cirkel getekend waar alle kinderen in kunnen. Als je start zegt, strekken de kinderen hun armen en beginnen ze te draaien rond hun eigen as. Jij geeft instructies die de kinderen nadoen. “We stijgen op”: de kinderen draaien traag rond. “We komen op gang”: de kinderen draaien sneller. “We hebben volle snelheid”: de kinderen draaien zo snel als ze kunnen. Als iedereen zich gek gedraaid heeft, zeg je: “Nu”, de kinderen doen alsof ze aan een koortje trekken en hun parachute komt tevoorschijn; ze proberen zo snel mogelijk te landen, dit wil zeggen: in de cirkel te raken. Natuurlijk lukt dit niet zo goed na al dat gedraai, altijd hilariteit verzekert!

Vliegende spijker
Je duidt een aantal tikkers aan. Dit zijn de vliegende spijkers. De andere kinderen zijn de motors. De vliegende spijkers strekken hun arm en wijsvinger. Ze proberen de banden van de motors kapot te prikken. Dit kunnen ze doen door de kinderen die motors zijn te tikken. Als hen dat lukt, moet de motor stil staan. De moto kan bevrijd worden als een andere niet-getikte motor 2 keer rond de getikte motor rijdt. Dit wordt nog leuker als je de kinderen de geluiden van een echte motor laat nadoen!

Dodende straal
Je maakt 2 groepen met evenveel kinderen. De kinderen moeten tegenover elkaar staan met per groep 1 emmer water en plastic bekertjes. Een persoon gaat ergens in het midden staan met een zaklamp! De kinderen moeten naar elkaars emmer rennen met gevulde bekertjes. Degene met de zaklamp zet regelmatig de zaklamp aan in een rechte straal, het kind dat in dat licht komt, moet terug en de beker in zijn eigen emmer leeg gooien. De groep waarvan de emmer het eerste leeg is, is de winnaar!

Speurtocht
Een ouderwetse speurtocht door de buurt! Pijltjes op de stoep getekend en af en toe een opdracht. De drukste kinderen meegenomen om de pijltjes uit te zetten en de rest van de club mocht het spoor volgen onder begeleiding. Ze hebben het er nog weken over gehad en nagespeeld. De vondst van dat feest.

Moeras oversteken
Kan binnen met kranten, maar bij voorkeur buiten met plankjes. Je hebt zoveel plankjes nodig als kinderen en 1 extra. Opdracht: steek een denkbeeldig moeras over door allemaal achter elkaar op een plankje te gaan staan. Het extra plankje wordt voor het eerste kind neergelegd. Dan stappen ze allemaal één plankje verder. Het achterste kind geeft het (nu lege) plankje achter hem door naar voren et cetera. Doe dat in twee teams met een eindstreep. Het team dat het eerst bij de eindstreep is, heeft gewonnen.

Levend ganzenbord
Teken het bord van Ganzenbord met krijt op de stoep. Gebruik een grote dobbelsteen. Je kunt naar eigen inzicht de vakken indelen met opdrachten. Maar een ‘gevangenis’ en ‘ga drie plaatsen terug’ mag natuurlijk niet ontbreken.

Touwtrekken
Verdeel de groep in twee even sterke teams. Markeer het midden van een stevig touw en teken op gelijke afstand twee lijnen links en rechts van het midden. De teams staan tegenover elkaar met ieder het einde van het touw in de handen. Winnaar is het team dat het gemarkeerde punt over de lijn trekt.

Skippybal race
Huppel met een skippybal zo snel mogelijk naar een finishlijn. Met meerdere kinderen kun je met gelijke teams een estafette houden. Het team dat als eerste klaar is, heeft gewonnen.appels happen tijdens kinderfeestje thuis

Taartgooien
Knip uit karton een aantal schijven met een doorsnede van 30 centimeter. Laat de kinderen met scheerschuim taarten maken en deze naar elkaar toe gooien. Zorg wel dat je bent voorbereidt op de rommel!

Appelhappen
Dit spel kun je ook binnendoen, maar de vloer wordt wel nat! Doe een paar appels in een grote emmer vol water. Om de beurt moeten de kinderen met hun tanden proberen er een drijvende appel uit te vissen, met hun handen op hun rug. De appel kan natuurlijk vervangen worden voor snoep of iets dergelijks.